Nieuws Opinie

De schedels van Urk

schedels van Urk
💨

Datum: 28 januari 2022
Opinie

Els van Veen


In 1877 toog de Hilversumse huisarts Van Hengel helemaal naar Urk, wat in die tijd nog een eiland in de Zuiderzee was. Hij had een missie, namelijk schedels in zijn bezit krijgen van Urker mannen. Hij leidde de doodgraver op het kerkhof met een smoes om de tuin en wisselde ten minste drie ongeveer 80 jaar oude schedels in voor “Hilversumse koppen”. Deze schedels uit Hilversum had hij met oker bestreken om ze ouder te laten lijken.

De Urker schedels werden aangekocht door Pieter Harting, hoogleraar biologie in Utrecht. Hij was er bijzonder blij mee, want net als vele tijdgenoten geloofde hij dat de Urkers een soort oermens waren. Harting deed onderzoek naar de ‘oernederlander’. Omdat Urk – dat van 1200 tot 1939 een eiland was – erg geïsoleerd lag, dachten wetenschappers in de negentiende eeuw dat de oer-Nederlander daar het minst van zijn oorspronkelijke vorm had verloren. Bovendien kende het overbevolkte eiland veel ziektes en armoede, waardoor men tot de Tweede Wereldoorlog dacht dat de Urkers ‘achterlijk’ en ‘incapabel’ waren. Men vermoedde zelfs dat de Urker de ‘missing link’ was tussen de Neanderthaler en de moderne mens.

Om dit te bewijzen had professor Harting onderzoeksmateriaal nodig, desnoods schedels gestolen uit Urker graven. De schedels werden uitgebreid opgemeten en vergeleken met die van andere ‘types’, bijvoorbeeld Keltische schedels. Wat de onderzoekers zich niet realiseerden was dat de Urker bevolking niet bepaald geïsoleerd leefde en er van een ‘onvermengd ras’ geen sprake kon zijn. Veel mensen vestigden zich de afgelopen eeuwen vanuit bijvoorbeeld Friesland, Drenthe of Overijssel op het eiland Urk.

De schedels bevonden zich jarenlang in het archief van het Universiteitsmuseum van Utrecht. Een speciaal opgericht comité op Urk heeft jarenlang gestreden voor teruggave van de schedels van hún voorvaderen. Aanleiding hiervoor vormde een artikel in het NRC Handelsblad van 1995 waarin werd beschreven waarom en hoe het Utrechts museum Urker schedels in haar bezit kreeg.

Het Universiteitsmuseum wilde de schedels aanvankelijk niet – in hun woorden - “weggeven”. Dit omdat de schedels een tastbaar overblijfsel zouden zijn van een “historische manier van wetenschapsbeoefening”. Bovendien was het Universiteitsmuseum bang dat bij een positieve uitspraak “iedereen schedels en bijvoorbeeld mummies terug zou gaan vragen”. In Nederland is de regel dat alleen nazaten museumstukken kunnen terugvragen.

Op 20 juli 2010 zijn de Urker schedels in stilte herbegraven. De zes ‘Harting’ schedels, die begin juni van dat jaar door het Universiteitsmuseum Utrecht werden overgedragen, zijn begraven op het oude Urker kerkhof, precies op de plek vanwaar ze vermoedelijk zijn ontvreemd. De herbegraving was een sobere en waardige gebeurtenis. De schedels werden in een speciaal voor dit doel gemaakt kistje door twee medewerkers van begrafenisonderneming Draagt Elkanders Lasten (DEL) naar het kerkhof vervoerd. Het kistje werd door de medewerkers naar het graf gedragen, gevolgd door twee vertegenwoordigers van het Comité Urker Schedels.

Dit waargebeurde verhaal illustreert voor mij dat huisartsen en wetenschappers ook gewone mensen zijn met vooringenomen ideëen. Goede wetenschap zou niet vooringenomen moeten zijn en zeker geen gebruik mogen maken van bedrog en manipulatie om aan onderzoeksmateriaal te komen. Zeker niet als dat ‘onderzoeksmateriaal’ door hun naasten destijds eerbiedig begraven lichamen betreft van nota bene Nederlanders op Urk. Echte wetenschappers hebben diep respect voor het mysterie wat wij - en ook zij - niet kunnen doorgronden. Het mysterie dat leven en dood omvat.


 
Wil je meer weten?
Koop de nieuwste editie bij jou in de buurt, of bestel deze editie.
Wil je meer weten?
Koop de nieuwste editie bij jou in de buurt, of bestel deze editie.




©2024 De Andere Krant.
Alle rechten voorbehouden.